Bookmark and Share

Jan van der Vaart (1931-2000)

Items door kunstenaar/bedrijf - Literatuur over kunstenaar/bedrijf
Please visit artentique • nl – shop, artentique • com – ceramic art and artentique • com

Het begin
Jan van der Vaart werd geboren in 1931 in Den Haag. Reeds op jonge leeftijd werd zijn interesse voor keramiek gewekt. Zijn eerste ervaring met werken in klei deed hij op in een klein aardewerkfabriekje in Delft. In 1952 ging hij werken bij de firma Antheunisz en schreef hij zich bovendien in aan de Vrije Academie in Den Haag, op aanraden van zijn vriend Herman Gordijn. Hij kreeg hier lessen van Just van Deventer en Theo Dobbelman. Hij begon zijn eigen atelier, eerst op de Laan van Meerdervoort in Den Haag, later op de Loevesteinlaan. Uit deze periode zijn enkele stukken bekend die door Jan van der Vaart zijn gedraaid en door Gordijn zijn gedecoreerd. In 1958 had hij zijn eerste tentoonstelling in Vlaardingen, samen met Henny Radijs (van wie hij gevorderde draaitechnieken had geleerd en met wie hij een jarenlange vriendschap heeft onderhouden) en Olga Oderkerk. In 1960 verhuisde Jan van der Vaart naar Amsterdam.

Abstractie en geometrie
Begin jaren ’60 kwam Van der Vaart meer en meer in contact met Engelse keramiek en keramisten als Hans Coper en Lucie Rie. Met name de architectonische wijze waarop Coper zijn abstracte objecten opbouwde, maakte grote indruk op Van der Vaart. Deze invloed legde de basis voor de ontwikkeling van zijn talent. In het bekende standaardwerk van Mieke Spruit-Ledeboer, ‘Nederlandse keramiek 1900-1975’, wordt Jan van der Vaart aangeduid als de grondlegger van de abstract-geometrische keramiek in Nederland. Kenmerk hiervan zijn de sterk geabstraheerde vormen, die worden opgebouwd volgens geometrische principes, zoals dat in de architectuur ook gebeurt. Zijn opvattingen hierover zijn mede beïnvloed door de kunststroming ‘De Stijl’ uit het begin van de 20e eeuw, die als belangrijkste uitgangspunt had eenheid van vorm en kleur. Ondanks de abstractie in zijn werk heeft het gebruikselement bij Van der Vaart altijd centraal gestaan.

Multipels
Vanuit de gedachte dat zijn werk voor een groter publiek beschikbaar moest zijn, ontwierp Jan van der Vaart in 1967 zijn eerste ‘multipel’, een bolle kandelaar. De multipels (afgeleid van het Engelse woord multiple) werden in gipsmallen gegoten en in grotere of kleinere series geproduceerd. Vaak werd een model in een aantal formaten uitgevoerd. Tot aan zijn dood in 2000 maakte hij vele ontwerpen, die goed verkochten en vandaag de dag zeer populair zijn bij verzamelaars van Nederlandse keramiek. Het meest kenmerkend zijn de multipels in bronsglazuur, maar er zijn ook ontwerpen uitgevoerd in wit, blauw, rood en zelfs in goudkleur. Later werden zijn ontwerpen ook uitgevoerd door de firma Tichelaar te Makkum en Rosenthal (Duitsland). Jan van der Vaart maakte ook een aantal serica-ontwerpen voor de glasfabriek Leerdam en een klein aantal ontwerpen voor unica-stukken.

Leerlingen van Jan van der Vaart
In 1968 werd Jan van der Vaart aangetrokken als docent aan de Rietveldacademie, als vervanger van W.H. de Vries. In de ruim 22 jaar dat hij daar les gaf, heeft hij tientallen getalenteerde kunstenaars opgeleid, waaronder Geert Lap, Esther Stasse, Mieke Blits, Barbara Nanning, Wouter Dam, Tije Domburg en Els van Westerloo.

Tot slot
Jan van der Vaart kan worden beschouwd als een van de belangrijkste Nederlandse keramisten van de tweede helft van de twintigste eeuw. Als grondlegger van wat wordt genoemd de ‘abract-geometrische keramiek’ en als docent aan de Rietveld academie, heeft hij vele andere kunstenaars gevormd en beïnvloed. In 2008 is zijn laatste atelier nagebouwd en te bezichtigen in het Princessehof te Leeuwarden, hetgeen een prachtig zicht geeft op het leven en werk van deze kunstenaar.




| Download artikel | | Externe link |

Bezoek ook artentique • com.

 

All rights reserved - ©Kunsthandel Artentique 1995-2014